dsc03623-1030x772

Improvise!

Tas klaar, laatste studies Big Five gedaan, doorgeladen fototoestel gereed, dus laat die jeep maar komen! Maar iets zegt me dat een pak niet de dresscode is van een safari, als de eigenaar van ‘t bureau m’n hostel binnenkomt. Balen, safari wordt uitgesteld naar zaterdag. Reden: twee van de mede-safarigangers hebben malaria. Of whatever reason. Goede hoop houden op de safari later, nu is ‘t tijd voor improvisatie 🙂

Een uurtje later zit ik in de bus naar Moshi, een bekend Tanzaniaans stadje omdat ‘t aan de voet van de Kilimanjaro ligt. Ik ga m’n twee dagen hier doorbrengen en ik lijk genoeg uurtjes in de stad te krijgen van de buschauffeur – we rijden op godspeed door de dalen. ‘t Is eigenlijk even lachwekkend (al-les rammelt) als levensgevaarlijk. Toch heeft de Masaai-strijder die voor  me in de bus op de stoelen ligt, weinig besef van de situatie. Hij knort lekker door met z’n rode laken omgeknoopt. De wereld wordt een eenheidsworst met deze mensen die ook koekjes eten en tickets voor OV hebben. In mijn beleving renden de stamleden nog steeds alleen achter buffels aan. Gebeurt ook – maar hier even niet 🙂

Vandaag is niet de dag van het goeie nieuws. Dat weet ook de receptioniste als ik in dit bodem-laag-seizoen m’n Hollandse graantje wil meepikken. De na onderhandeling halvering van m’n kamerprijs komt met een prijskaartje: ik krijg bij binnenkomst enkel een welkomstgrom voortaan.

Say wha?
Goeie les vraag en aanbod in Moshi. Zonnebrand wordt niet gebruikt door de kleurlingen – enkel door de toeristen die in het stadje komen. Aangezien ik harder vervel dan een cobra, is het toch tijd voor wat extra bescherming. Voor een flesje zonnebrand blijk je echter zeker 4x goed te kunnen eten (EUR 15)…

Ach, het zonnetje schijnt heerlijk vandaag. En dat komt het zicht van de monsterberg Kilimanjaro ten goede. Wat een gigantisch ding is het! Het dak van Afrika schittert over het zachte stadje. Tanzania voelt ook na deze stad meer welvarend aan dan Kenia. Mensen zijn beter gekleed, infrastructuur is beter en gebouwen zijn degelijker.

Say wha?
Iedereen in Arusha kan een beetje Nederlands. Als je boven 1,90m bent, word je al snel met “Hoe ghahat hut” of “Van Persie” begroet. Of, in mijn geval: “Hey, Peter Crouch!! Are you his brother?”

Daarnaast brengt de koffie enorm veel sfeer: de lokale koffie wordt door een vereniging van producenten (Union Coffee) beheerd. Resultaat mag er zijn: geweldige smaak en een keiharde energizer 🙂 Reden genoeg om voor morgen een koffietour te boeken. De rest van de dag loop ik wat marktjes af en is het vooral genieten van de relaxte mentaliteit op locatie.

M’n avondwandeling door de stad maakt het zicht op de berg beter dan ooit en is echt verbazingwekkend mooi. De kleine momenten waarop iedere camera tekort schiet. Het feest gaat door in een zeer lokaal Indiaas restaurant waar een goddelijke curry wordt geserveerd en waar een Afrikaanse bruiloft komt langsgereden: een pickup truck vol met trompettisten en enkel vreugde. Prachtig!

0 replies

Leave a Reply

Want to join the discussion?
Feel free to contribute!

Leave a Reply