Rugtassie vol epiek

De wekkers rinkelen morgen akelig vroeg voor het vertrek terug naar Nederland – 03.40u schieten de eerste telefoons aan voor een ritje naar de luchthaven. De taxi brengt ons naar de terminal waar we naar verwachting veel te vroeg aankomen. De laatste aantekeningen gaan in het boekje en een hoop te kweken nostalgie en dikke verhalen worden ingecheckt. Met voldane gezichten op naar Nederland. Feeling alive!

De échte Koninginnerit

Vandaag pakken we er een extra stukje bij. De rit van Periana naar Colmenar, om vervolgens af te dalen naar eindbestemming Malaga. De eindetappe is al legendarisch voordat we überhaupt begonnen zijn. We vullen ons met stokbrood met ham, bananen, chocoladebroodjes, fruitdrankjes en veul water. 09.15u dient zich de start aan. We pakken de 20% helling met de fiets aan de hand aan. EJ en J nemen de leiding op een pittig tempo. Ik vorm met Alexis de volggroep.

We komen bij een paar kleine dorpjes op een paar kruispunten waar niet meer helemaal duidelijk is of we tussenbestemming Colmenar nog volgen. Een verkeerde keuze en bizarre hellingen in de dorpjes verder, kunnen we concluderen dat we onze kopgroep kwijt zijn en verkeerd gereden hebben. We zitten op de noordelijke lus boven de geplande route (A7000) en zijn genoodzaakt via de 100km/u A356-weg naar Colmenar te cruisen. Pluspunt is de strakke weg, minpunt de ellenlange geleidelijke maar toch stevige klim naar boven. We spreken met onze buddies af in Colmenar en stoempen naar boven. Schade: 15 kilometer extra, maar de hereniging met de boys is mooi.

We gooien ons vol met zoetigheid en water en denken vooruit aan de afdaling die nog maar enkele kilometers verwijderd kan zijn. Een paar colletjes daarna spreken onze voorspellingen nog wel heftig tegen. Zodra we ons inbeelden dat we gaan afdalen, presenteert zich nog een volgende muur. Het maakt weinig indruk meer met de kilometers die in de benen zitten, dus zetten we koers voort. Geweldige mentaliteit in ieder van de mannen.De traktatie is groot als uiteindelijk de echte daling naar Malaga wordt ingezet. We zien de stad van boven, genieten van het uitzicht en maken nog een kiekje. Niet te lang, want de beloning staat ons te wachten: 12km naar beneden racen. Voor mij minder hard dan voor de rest op m’n zwabberende fiets, maar ’t is genieten met een grote G.

Malaga voelt als een warm bad. We leveren met lichte weemoed de geweldige fietsen in. They served well. Het is tijd om te ontspannen! Een paar honderd meter verderop bestellen we vers voedsel (crepe met rucola, ham, kaas) en exotische smoothies.

De laatste Airbnb is een mooi appartement, redelijk centraal in de stad. Een gastvrije vrouw leidt ons met haar zoontje rond. We leggen de beentjes languit, stoffen ons gezicht af en bereiden ons voor een avondje ‘helemaal eraf’ op stap.

De alcohol komt hard aan tijdens ons namiddagse kroegentochtje door de stad. We vragen ons af of wij onbewust al ver weg zijn als de situatie op het terras van de kroeg met de meest ongemakkelijke bediening allertijden. Een Mexicaan/Indiaas restaurant serveert op dit uur goedkope cocktails en verleidt ons. Onder het genot van Mohito’s en wat exotischer spul leggen we een toupje. De eerste honger wordt gestild met een chicken tandoori. En vanzelfsprekend gaan we verder naar het vertrouwde terras van El Pimpi. Livemuziek van de lokale Malaganen (Oasis – Stand by me) laat de planken kaas en vlees nog beter smaken.

We komen langs een modeshow die vooral een slepende aankondiging afgewisseld met veel matig zingende artiesten is. Op onze terugweg zien we tot massale verbazing op de gevels letterlijk ‘Het beste biertje’ staan. Kunnen we niet aan ons voorbij laten gaan. Blijkt een van oorsprong Roemeen samen met een Russin in Malaga een speciaalbierencafé te runnen. De kennis van de beste man reikt tot de bieren van de Koningshoeve in Tilburg. Omdat het de enige plaats in de stad is waar het kan, laten we ons speciaalbieren voorzetten.

Bij terugkomst lijkt de sleutel niet op de deur van de buitendeur te passen. Een gepikeerde bewoner van de flat schreeuwt onverstaanbaar door de intercom, maar belangrijkst is dat de deur uiteindelijk open gaat. Kunnen we nog een keertje napraten met het laatste biertje van de Chinese supermarkt. We gaan ’t bedje in voor een korte nacht: 3,5u tot opstaan.

Landschap AAN

Heerlijk uitgeslapen. We begeven ons naar de ‘tafel’ buiten. Een koningsontbijt met op de achtergrond de rinkelende bellen van het vee. We laden ons op voor een dubbele activiteit vandaag: een wandeling gevolgd door een korte rit naar het volgende dorpje: Periana.

De wandeling over de gebaande paden duurt maar even. We gaan offroad en lopen met open mond van het prachtige uitzicht te genieten. Referenties aan een Teletubbie-landschap, Windows-achtergrond en ander gezwijmel passeren de revue. Het uitzicht is adembenemend. Iedere lichtinval is een plaatje. Bomen met een stam scheef op de helling, gras Instagram-groen en een knalblauwe lucht. Als we ooit op zoek zijn naar de definitie van een glooiend landschap, hebben we hier in ieder geval het bijgaande mentale plaatje. Alleen de vele shotgun-hulzen blijven onverklaard.

Ook tijdens een wandeling wordt er genoeg onderling uitgedaagd. Een helling dient als jeux-de-boules baan, stenen groot als bowlingballen als werpmateriaal. Het is verder ook de enige actie in het perfect vredige landschap. Een trouwe hond waakt over zijn kudde grazende schapen.

We groeten de zwarte glanzende geiten en zetten koers richting dorpje Periana, oostelijk van Colmenar. Een korte rit, want we hebben de rit van morgen uitgedacht als episch einde: niet een laf laatste ritje, maar stoempend Malaga tegemoet.

Het is ditmaal ook echt een korte rit. Op een klimmetje hier en daar na, zoeven we tussen de bergen door. Onze aankomst is in het dorpje, waar onze Airbnb-gastheer ook een restaurant bezit. De gastvrijheid van zijn vrouw blijkt al meteen uit een glaasje water voor de bezwete mannen. We vervolgen de rit in het gebruikelijke patroon – met z’n vieren achter een ronkende auto aan – maar ditmaal steil berg af.

We hebben een net huisje, onderdeel van een groter huizenblok. We ontmoeten onze Schotse buurman die de regen heeft ingeruild voor een mediterraans klimaat. En voor de alcohol heeft hij inmiddels z’n adresjes.

Een afdaling heen, is een stijging terug. Bezweet komen we boven in Periana aan en blussen we af met een goed soepje van kikkererwten en een lekkere salade. Ik bestudeer af en toe nog de steeds groter wordende horzelsteek van gisteren, maar het lijkt allemaal mee te vallen. We genieten nog even van de zonsondergang op een balkonnetje in het dorp.

Op de terugweg gaan we na instructie van onze gastheer langs de Duitse buurman. Hij heeft de wifi-code. Is ons verteld. Al voordat de beste Duitser om 22.30u de deur opent, is het ongemakkelijk. Een Duits-Engels gesprek verder komen we erachter dat onze gastheer ons om de tuin heeft geleid. Onze oosterburen hebben sinds het begin der tijden nooit van het bestaan van deze verbinding gehoord.

Offline is het nieuwe online. Eenmaal in het huisje spelen we een goeie pot Perudo. Op de achtergrond speelt The National onze theme song Bloodbuzz Ohio. Uit voorzorg voor morgen gaan we op tijd ’t mandje in.

Glowing

Ze zijn toch licht voelbaar, die twee mojito’s. Je leert je lijf toch weer een stukje beter kennen tijdens zo’n week van continue inspanning. EJ voorziet ons van een een geweldig ontbijtje. Luxe croissants, bananen, brood met vlees en zelfs koffie is voorzien.

De route Granada uit is net zo ingewikkeld als de route op de heenweg. Garmin heeft officieel het examen niet gehaald. Op een eigen route fietsen we de A338 af. We maken bij Armilla een laatste stop voor boodschappen.

Daarna ligt ons lot even in handen van de behulpzame Spaanse opa’s die op een bankje het leven observeren. De klemtoon voor tussenplaats ‘La Malaha’ blijkt van groot belang. We vinden een recht pad in de juiste richting. Met iedere kilometer richting eindbestemming van de dag – Alhama de Granada – wordt het mooier. Met open mond – afwisselend door vermoeidheid en bewondering – koersen we door de adembenemend mooie landschappen.

De afdalingen gaan opnieuw te hard, en een keer iets te hard. J rijdt in een vangrail maar held als hij is, staat hij moeiteloos weer op. We repareren samen z’n spatbord en we zijn snel weer op tempo. Wel met de vorm van de vangrail in z’n borst, maar J geeft geen kik en rijdt door. Algemene ‘sidenote’ dat ieder van de gasten als een prof rijdt. Voor pessimisme geen ruimte in onze rugzakken of bagagedragers.

Tijdens lange afdalingen probeer ik m’n ogen als een ontspanner in te zetten om al het beeld te vangen. We zien tal van olijfbomen en ontdekken ook zeer smaakvolle amaretto-amandelen (achteraf geleerd dat ze in grotere hoeveelheden snel giftig zijn). Tot het moment dat we niet meer verder mogen van onszelf en een stop bij het prachtig groene meer Partano de los Bermejales moeten maken. Eetstop, maar ook zwemstop voor EJ en Alexis. Na wat koudwatervrees en afstemming met de lokale ganzenfamilie gaan de heren kopje onder.

Na wat navraag in de dorpjes, gaan we opnieuw een ‘staart’ te lijf: een fikse laatste klim Alhama de Granada uit naar een nog veel kleiner dorpje. Met iedere omwenteling verdwijnt er een stuk beschaving en gaan we verder de natuur in. Kilometers afdalen en onverharde paden over en via een geitenboerderij op naar de gastvrouw- en heer (je bedenkt het zelf niet) Maria & Jesus. De broer en zus hebben een geweldig onderkomen gebouwd.

We zitten nog meer in the middle of nowhere dan op dag 4. Conclusie: Airbnb is o-ve-ral. Het uitzicht is briljant. Een paar honden die zelfstandig een kudde schapen hoeden, het geklink van de bellen en gesuis van de wind, meer hoeft er niet te zijn. De zithoek (grote steen als tafel, vier losse stenen als stoelen) is ons rustpunt. We vullen ons met water, Don Simon zoete vitaminedrank en chips. Het uitzicht is briljant.

We hebben gehoord van een spa in de buurt – een baňo heetwaterbron. Sounds good. In deze contreien is vervoer wel een puntje. We vinden een aardige taxichauffeuse die voor een vaste prijs de rest van de dag ons vervoermiddel wil zijn. De Spaanse is getrouwd met een Engelsman en vertelt ons onderweg het nodige over de omgeving. Haar tip voor El Tigre is de beste die ze kon geven. Daarover later meer. We leggen de beentjes languit in het bad van 35 graden Celsius. Volle bak relaxen. De locals om ons heen roken wat gras, en rent een hond voor z’n leven om het water en wij praten in lome toestand over van alles en nog wat.

 

Op tip van de chauffeuse zetten we na omkleden op straat een wandeltochtje in naar de fameuze El Tigre. Niet de slechtste omgeving om een avondje rond te sloffen bij ondergaande zon. De licht zingende beentjes mogen de pret niet drukken.

 

Aan het formaat van het restaurant heeft El Tigre z’n naam niet ontleend. Aan de eigenaar wel. Te midden van uitgestalde groenten op tafel en wat dorpsgenoten aan de bar, worden we onthaald alsof we dagelijks vaste gasten zijn. De beste man houdt van een directe aanpak en maakt al half omhelzend amicaal de keuzes voor ons. Een gangetje van dit, daarna dat, en deze wijnen horen daarbij, goed? Voor ons wel. Al hebben we niet eens precies een idee wat we bestellen, deze tijger verkoopt enthousiasme. Hij is de charme, de charisma en warmte himself.

Een stevige, smaakvolle gazpacho wordt gevolgd door de Andalusische klassieker: gefrituurde aubergines met stroop. Frieten en een soort varkensvleesgoulash volgen. El Tigre laat ons volgeschonken glazen streekwijn eigen maken: zeer zoete wijn die nog het meest op dessertwijn lijkt, maar dan roze. Tussen het genieten van de lokale kookkunst spreken we voluit over grote mensenzaken: wonen en kinderen.

De taxichauffeuse en dorpsgenoot begrijpt dat we wat langer zijn blijven hangen. Ook zij knoopt nog even een praatje aan met de mensen in de kroeg en krijgt een innige omarming van de een-kop-kleinere El Tigre. Een fotomomentje “Nee, een stukje naar rechts, dat tijgerschilderij moet er ook op” vereeuwigt ons bezoek. We kijken middenin het donker sterren bij heldere hemel. Als je in de sterren kijkt, kijk je naar het verleden, zeggen ze. Aan het heel nabije verleden hebben wij weer een geweldige dag toegevoegd.

 

¡Hola Granada!

Onze rustdag staat in het teken van Granada. We zijn al op tijd op pad om een ontbijtje in de stad te kopen. Een bakkerij met een uiterst vriendelijke medewerkster voorziet ons van chocoladebroodjes, heerlijke broodjes en een goed bakkie koffie. We peuzelen het op een pleintje op.

Om 10.30u vertrekt de Free Tour door Granada. Een enthousiaste student geschiedenis leidt onze groep in een wandeltour rond. Hij vertelt ons op het verzamelpunt hoe dit standbeeld ooit verplaatst werd om de aandacht af te leiden van het afzichtelijke gebouw erachter. We komen langs de markten in de smalle steegjes die eerder Arabisch dan Europees aanvoelen. De Moren begrepen de principes van de IKEA-grid al voordat de Zweden ‘m bedacht hadden. Leid je publiek gewoon door die gangen zodat ze alles zien en meer kopen. Marketing hoef je de koopmannen daar niet bij te brengen. Maar ook de koelte en het antidiefstaleffect waren mooie bijkomstigheden.

We banjeren via de met ‘stierenbloed’ geverfde muren naar de fameuze Kiss street – ooit zo genoemd omdat een bekende bruid na een onterechte doodverklaring weer tot leven zou zijn gekust. Bleek een toen nog onbekende coma te zijn en daarmee de verklaring van ‘saved by the bell’ – een bel werd geïnstalleerd op een graf om bevrijd te kunnen worden als je levend begraven was. Freaky.

Verderop in de tocht komen we langs een kerk waar nonnen van ongeveer 80 jaar oud zich hebben gewijd aan een bestaan enkel binnen de muren van de kerk. Door een kier in de deur kunnen toeristen zien hoe ze volledig in gewaad zingen. Indrukwekkend en onwerkelijk beeld.

We krijgen al een teasertje voor de hoofdbestemming van de dag. We genieten van een prachtig uitzicht op het Al Hambra-paleis. Na de rondleiding gaan we er zelf heen. Het indrukwekkende bouwwerk legt het oog voor detail van de Moren bloot. Een prachtige binnentuin met leeuwenbeelden, prachtige patio’s met water en vooral het monnikenwerk in de afwerking van het gebouw. Wel is het eerlijk om te zeggen dat we – misschien komt het omdat we hier geen tour hadden – wat meer verhaal konden gebruiken bij het hele gebouw.

We hebben goed geluisterd naar onze guide en van vanmorgen en volgen z’n tips op. We gaan voor cassata-ijs bij Los Italianos, we eten een rijke portie churros met chocolade op Plaza de Bib en onderhandelen met de zeer stugge ondernemers (met onderling prijskartel) in de smalle steegjes. We gaan naar het straatje vol van theehuisjes en drinken wat exotische thee. De waterpijp laten we ongebruikt staan. De Arabische muziek is ontspannend genoeg. We nuttigen nog een heerlijke Marokkaanse maaltijd in een sfeervol restaurant. De ober geeft ons meermaals een goede demo ‘zo schenk je thee in, vriend’ – vanaf 1,5 meter hoogte!

Als enige twee gasten in het cafeetje, kijken Alexis en ik Real Madrid-Wolfsburg onder het genot van de prijsknaller – mojito’s voor 3 euro. Kort na een soepele sleutelworp uit de flat door J, liggen we weer in ons mandje. Goeie nachtrust pakken voor de koersdag morgen.

To Granada

That was a night. Heerlijk op de zolder van de blokhut breed- en languit gelegen in een tweepersoonsmand. Het mag door de muren heen waaien in het huisje, ik heb als een god geslapen. Om over het volgende ontbijt maar te zwijgen. Het leven, ook hoog in de bergen, gaat gewoon op een lager tempo. We gaan uitgebreid op elkaars verhalen in. Goed onderonsje met de boys. Gezamenlijk afzien op de fiets verbroedert ontzettend.

De start van de etappe naar Granada is er opnieuw een van afdalen. Niet altijd al rijdende, dat is simpelweg te link op dit wegdek. De regen is gaan liggen en maakt plaats voor een prachtige lucht. Voordat we beneden zijn staan we letterlijk even stil om te genieten van het prachtige uitzicht. Zo tref je ze niet zomaar meer in de Rotterdamse polders.

Na het genieten is er ook weer ruimte voor afzien. Op de kaart waren het toch echt afdalingen, maar we trappen in het zwaarste verzet toch nog stevig bij. We hebben een vijfde deelnemer: windkracht 6 in het gezicht. Afwisselend in het gezicht, de zij en schaars in de rug, door de bochten naar beneden. Nieuwe skill overigens, met de steeds veranderende windrichting recht blijven rijden. Ik trek m’n jasje al snel maar weer uit omdat het meer een windzeil dan een jas is met dit natuurgeweld.

Langere vlakke stukken met tegenwind volgen. Elkaar uit de wind houden is het devies en iedereen kent z’n rol. Kop op, kop af houden we een sterke koers aan. We geven elkaar goedschiks en kwaadschiks nog wat instructies in hoe in elkaars wiel te rijden. Tijdens een hongerige tussenstop in Armilla kijken we met voldoening nog eens terug op de overwinning op de wind en onze opgedane ervaring.

De laatste kilometers zijn in vergelijking met voorgaande dagen een peulenschil. Van Garmin moeten we het niet hebben als we in de stad navigeren naar de volgende Airbnb-gastvrouw. Google Maps en een paar locals nemen het over. Na aankomst in het prima verzorgde appartement middenin de stad, dopen we een van de twee kamers om tot fietsenstalling, de andere tot slaap- en leefruimte. J en Alexis gaan de boodschappen doen en regelen de toeristenpassen voor morgen. Als ze terug zijn, spelen we met z’n vier een levendige pot ‘Who’s the man’ waarin Eduardo van dag 3 en Luca van dag 4 sterrenstatus genieten.

Oorspronkelijk plan was – morgen is het rustdag – vanavond er helemaal af te gaan. Spaans pils drinken en op stap gaan. We begeven ons naar de studentenstraat van Granada – Calle Pedro Antonio. We hebben het wel eens drukker gezien, maar misschien is het dat iedereen binnen zit om voetbal te kijken, Barcelona speelt.

We vinden een mooi tafeltje in een simpel restaurantje. De nogal gestreste ober brengt ons de klassieker uit Andalusië – gefrituurde aubergine met stroop, in goed gezelschap van patatas bravas en een ‘plato’ met veul vleesch to share. Terwijl we ons vol eten, neemt de gespreksstof af en gaan we wat verder in sluimerstand. Het was vandaag een veel zwaardere tocht dan verwacht. Conclusie: luisteren naar je lijf en gewoon op tijd het mandje in.

Koninginnerit

De wekker gaat om 08.00u. Dag van de Koninginnerit. Na een goede nacht in Salobrena tijd voor de koers richting Lanjarón. Een stevig ontbijt met melkbroodjes en bananen verder, zetten we ons op de pedalen. ‘Alle begin is moeilijk’ telt vandaag niet: we starten met een flinke afdaling. De koele ochtenden zijn voelbaar aan de beentjes. Temperatuurverschillen tussen klimmen en dalen zijn sowieso groot.

 

Na de afdaling nemen we de afslag voor de laatste boodschappen bij de supermarkt. Nog even de sanitaire stop bij de supermarkt. Of eigenlijk, tegen de supermarkt aan. Het zal – eerlijk – toch wat spanning zijn omdat we weten dat dit de tocht met de pittigste klim wordt.

We rijden de tocht op eigen tempo’s, maar allemaal op zeer respectabel niveau. Er mag inderdaad regelmatig stevig geklommen worden en af en toe worden we getrakteerd op een buitje. In tweetal wissel ik met EJ van kop en wisselen we water uit. Ik zoek me af en toe een ongeluk naar de juiste versnellingen maar het gaat erg lekker. De omgeving is verbijsterend mooi met ongekende uitzichten over groene valleien. Het is bijna een belediging om met de auto door zo’n gebied te blazen.

Het is genieten van de omgeving en voor lekker blijven trappen. We komen op de route Motril – Órgiva langs prachtige dorpjes en stoppen bij laatste. Rondje sightseeing met flessen water en zadel in de hand, en helm steevast op. We komen langs gezellige pleinen waar de Spanjaarden met hele families samenscholen (ontmoeten doe je buiten!), we bekijken wat monumenten en kiezen een gezellig restaurantje voor een welverdiende lunch.

Het is een tent met duidelijk Moorse invloeden en de kaart is voor een groot deel Marokkaans. We gaan voor de ‘vitamin explosion’ en een spinaziefalafel. Als we vol zitten, komt er nog een Duitser een bedrijfsidee pitchen. Een nieuwe service die gezinnen naar de top van de berg brengt en vervolgens zelf laat afdalen langs de mooie dorpjes. Al zijn wij minder geïnteresseerd (de klim is de overwinning, weten we inmiddels met onze minimale ervaring), het klinkt aardig voor gezinnen. Minder goed is zijn inschatting van de afstand (Órgiva – Lanjarón) die ons resteert. Enkel nog zeven kilometer en ‘mostly flat’ blijkt zeer optimistisch te zijn. Les: ook van de Duitsers kunnen we niet op aan als op inschattingen aankomt. Een goeie klim en een bak regen volgen.

‘Prijs de dag niet eer het avond is’, gaat vandaag wel op. Ook op deze dag is er een ‘staart’. De eigenaar komt de vier verregende honden tegemoet in Lanjarón. Na ons onderonsje met de lokale bejaarden onder het afdakje, mogen we weer aan de bak. De vriendelijke, harige Airbnb-gastheer Luna heeft een auto en laat ons hem volgen. Hij weet hoe hij ons moet motiveren en is bewust cryptisch in hoeveel bochten en klimmetjes er nog komen. We fietsen waar we kunnen, maar het is vaak te steil of hobbelig om rond te komen.

Een schaterlach is wat volgt als blijkt dat we opnieuw helemaal bovenin de bergen zitten en we zullen moeten afzien voordat we er zijn. Maar who cares: het huisje is om van te dromen. Een zelfbouw houten blokhut met twee etages, alle voorzieningen die je nodig hebt, zonne-energie, omgeven door een eigen boerderij met kippen en schapen, en in de wolken. De sfeer hangt er meteen goed bij.

Ik zet een bakkie voor Alex en mij en we relaxen wat. Mooie muziek luisteren met de beentjes gestrekt. We smelten als een stel mietjes als het dochtertje van Luca vergezeld door haar vader een bord verse schapenkaas in de vorm van hartjes en eieren komt brengen.

De regen is nog niet gaan liggen als we onze afdaling (te voet) richting het dorpje Lanjarón maken. Het voelt als een verlaten dag – alle cafes zijn nog dicht en onze onwennigheid met het Spaanse eetrooster lijkt nog niet voorbij. Na de gebruikelijke boodschappen in een klein winkeltje biedt een hotel soelaas. We knijpen als enige gasten onze doordrenkte jassen uit en bemannen een barretje. Een potje toup met Spaanse speelkaarten volgt. Het kannetje sangria met kaneelstok en de plank met ham en kaas ziet het daglicht maar kort. We promoveren onszelf naar de eettafel en genieten van een Andalusische plaat. De bloedworst, saucijs, aardappelen en groenten gaan er goed in.

We hoeven het niet te hebben van de gastvrijheid in dit hotel, maar we slagen er uiteindelijk in een taxi te hebben. Twijfelachtig vragen we de chauffeur of hij dat pokke-eind tegen die berg omhoog durft. Blijkt zo te zijn. In het donker op de achterbank maak ik nog een bijna-doodervaring door als onder de neus van de auto geen ondergrond meer te zien is. Het moet de sangria zijn, want de chauffeur heeft alles perfect op een rijtje. Zo goed zelfs, dat hij na aankomst in z’n achteruit een deel van de route opnieuw aflegt. Man got skills. We checken door de mist nog even de lichtkegel van z’n voorlichten om zeker te zijn dat hij weer koers maakt naar beneden – en wel over de weg. Met wijd versperde pupillen en een mijnwerkerslamp vervolgen we onze laatste honderd meter naar het huisje.

Dos-uno-uno-uno

We kunnen niet vertrekken uit het prachtige Nerja zonder wat van de stad gezien te hebben. Daarom doen we voor vertrek nog een zondagochttendtoer door de stad. Terwijl het lichter wordt, zien we de gezellige straatjes, de prachtige boulevard met eindeloos uitzicht over de Middellandse zee en pleintjes met sinaasappelbomen (empirisch advies van tourguide EJ om de bittere vruchten niet te proeven). Een enkele Spanjaard loopt ook al een rondje of pakt de mountainbike, maar het is vooral nog heel erg rustig.

We zijn voldaan van een goed ontbijtje vol zoetigheid en zetten in op de volgende bestemming: verder de N-340 af naar Motril. Na wat bagagedragerprobleempjes (veel water mee) gaan we onder een prachtig zonnetje in lekker tempo omhoog. We zijn in gezelschap van veel andere renners. Sommigen daarvan worden zelfs een ‘target’ om in te halen, anderen laten we na een vriendelijk “Adio” verstandig aan ons voorbij koersen.

Eerlijkheid gebiedt dat ik deze tocht best wat moeite heb het juiste tempo te vinden. Ik ben aan het kloten met versnellingen en zit er niet helemaal lekker in op stukken. Acceptatie van de reis: we wisselen elkaar af met sterke en minder sterke dagen. ’t Is een geweldige manier om je lijf goed te leren kennen. Na een stevig tochtje is de duik in zee een welkome afwisseling.

Onze Airbnb is even buiten Motril, in Salobreňa. We volgen in eerste instantie de instructies van onze gastheer en komen aan, aan het begin van de wijk in de bergen. Garmin en Google Maps geven aan dat dit het moet zijn, maar het is enkel een indicatie dat de rest van de wijk niet meer genummerd is. Wij moeten nog steeds op zoek naar huisnummer 2111. Laatste wordt een legendarisch nummer.

We klimmen eerst op goed geluk stijl naar boven, maar te laat zien we dat de doornummering van huizen helemaal niet Nederlands-logisch is. Met de hulp van voorbijgangers komen we erachter dat in dit internationale rentenierstukje Andalusië niet de geografische positie, maar het moment van bouwen het nummer bepaalt. Zo zou 2111 dus bovenin, maar ook rustig onderin het gebergte kunnen zijn.

Tijd voor een belletje met gastheer Eduardo. In een Spaans-Engels-Franse constructie praten we volledig langs elkaar heen. Onze opmerking dat we 1 uur later zijn, vangt hij op als een vraag naar het huisnummer, waarna hij de getallen 2-1-1-1 meermaals op ons afvuurt. Zonder voldoening verbreken we de verbinding en rijden / lopen we in het lichtste verzet met de tong tussen de spaken rondjes omhoog en omlaag.

Uiteindelijk vinden we de hut. We komen erachter dat we er twee keer voorbij zijn gereden, maar het maakt allemaal niet zoveel meer uit. Eduardo is kort van stof en bromt dat we de sleutel morgenochtend over het hek kunnen gooien. Navraag leert Alexis en J dat de beste man ons ook toegang geeft tot het lokale zwembad, verder geen pas of sleutel nodig. En oh, dat hij morgen even weg is omdat hij bij de dokter een spuitje krijgt. Is goed jongen! Het huisje is een lappendeken van kleuren waar een studentenhuis jaloers op is, maar heeft alles wat we nodig hebben. We hobbelen naar beneden naar het zwembad.

Het zwembad heeft dus zeker wel een toegang. En een Amerikaanse opa die met z’n kleinkinderen aan het zonnebaden is. Ons spontane “ola!” met uitroepteken wordt beantwoord met een cynische “ola.” met een keiharde punt. Het even hilarische als ongemakkelijke gesprek heeft als belangrijkste resultaat onze onverwachte toegang tot het zwembad. Even als jonge honden met een bal spelen, een tukkie doen aan de rand van het zwembad en een boekje lezen.

Na serieuze poging tot het laten bezorgen van een pizza, is ons beste alternatief een tocht per taxi naar beneden, het stadje Salobrena in. En kijk eens wie we daar hebben! De aardige variant van dezelfde taxichauffeur die ons een paar uur geleden amper hielp met het vinden van de weg.

De innerlijke mens wordt verwend bij een gezellig restaurant in het dorpje. De vissoep vooraf wordt spontaan vergezeld door aardappelkroketjes en vers brood, het hoofdgerecht wordt afgetopt met een lepel vers citroenijs. We worden als koningen behandeld. Topservice met passie voor het eten. Blijkt dat de bediening ons aanzag voor een groep gasten die hier vijf jaar eerder ook was.

Nagenietend doen we de route naar huis tweemaal omdat de boodschappen in het restaurant zijn achtergebleven. De taxichauffeur geeft volgas bergop, waardoor we gelukkig toch de nodige nachtelijke uurtjes kunnen pakken: morgen de Koninginnerit naar Lanjaron.

Freakin’ Liana

Ontwaken in Malaga na een heerlijk nachtje. We checken uit en gaan op jacht naar een ontbijtje. De verzameling fruit en brood wordt onder een opkomend zonnetje verorberd op Plaza de Merced. Overigens ook in het gezelschap van 50-jarige alcoholisten die weinig discreet sterke drank wegtikken. Economische crisis in Spanje uit eerste hand.

We kunnen om 10.00u de fietsen ophalen bij Bike2Malaga. Geholpen door een Nederlandse stagiaire hebben we een soepele check-in en nemen we oerdegelijke Duitse stalen rossen in ontvangst. Uitstekende service en binnen no-time zijn we op pad.

Wat de fietsen betreft dan. We krijgen de spontane hulp van wat Spanjaarden als ze de Hollanders zien prutsen met een bagagedrager, een spin en verkeerd verdeelde bagage. Het zou niet de eerste keer zijn dat de bagage van de fiets afmietert. Niet lang daarna wordt de bagagedrager gedegradeerd tot voedselplank en gaat alles op het ruggetje mee. Met afdalingen van 50km/u + net iets betrouwbaarder.

Gehesen in raceoutfit werken we de kustlijn van Zuid-Spanje af, oostelijk richting Nerja. Adembenemend uitzicht met de zee op de achtergrond. We banen door de boulevardplaatsjes, met hier en daar een Spanjaard nog in winterjas. Laagseizoen waar wij qua temperatuur weinig van begrijpen. Net als van wat ze hier bedoelen met een fietspad: wat vaak belovend begint, eindigt na 500 meter alweer bij een muurtje of de openbare weg. Onze stoep-op-stoep-af capriolen tussen de voetgangers door worden niet altijd helemaal gewaardeerd.

De reis verloopt soepel. Na een tussenstopje supermarkt en een eet- en drinkpauze (credo: vooruitdrinken, vooruiteten, vooruitslapen, vooruit-alles) trekken we verder naar Nerja. De kustlijn is inmiddels opgehouden en we hebben een noordelijk uitstapje naar het pittoreske ‘witte gebouwen dorpje’ Frigiliana voor de boeg. Na het vlakke begin, via Torrox naar de eerste bergen van de Sierras de Tejeda.

We hebben bij de fietsen een Garmin fietsnavigatiesysteem geboekt. Overweeg je het ook? Zet het uit je hoofd. We hebben ’t heul veul kansen gegeven, maar het apparaatje wist ons al piepend eigenlijk precies de verkeerde kant te wijzen. De route naar Frigiliana was voor een groot deel onverhard en onder een pittig Spaans zonnetje bewezen de trekfietsen zichzelf als keiharde mountainbikes. Een paar stevige klimmetjes, grote blijdschap om het extra water en cola dat we ingekocht hadden en goeie dalingen verder, komt het kruispunt. Een paar wandelaars vertelt ons dat het nog een klein stukje omhoog naar Frigiliana is, terwijl we het dorpje een paar honderd meter hoger zien liggen.

Let’s go for it. We gaan op zwart en fietsen omhoog naar het dorpje. Bovenaan is het alles waard. Beloning: een prachtig uitzicht, een erg sfeervol dorpje en een flinke pan paella to share. Dat is voldoening! We komen bij en rollen na een uitgebreid avondmaal Nerja binnen. Een gastvrije Airbnb-eigenaar ontvangt ons in een erg compleet huisje. De tv gaat aan op El Classico, de beentjes omhoog en een biertje uit de supermarkt er naast.

Back in Malaga!

Fris en fruitig na een korte nacht maar met een goed ontbijtje, starten we onze trip. Een soepele vlucht naar ’t zuiden verder, lacht het Spaanse zonnetje ons bij uitstappen uit het vliegtuig tegemoet. Onze minimale bepakking (om en nabij een schone onderbroek en een tandenborstel) maakt ’t reizen makkelijk. Een ritje met George Clooney-lookalike buschauffeur en we stappen uit in het centrale park van Malaga: Parque de la Alameda. Met het kaartje van de stad in z’n hoofd, neemt EJ ons op sleeptouw door de stad.

 

We maken koers naar Plaza de la Merced, ofwel het Picassoplein. Chef accommodatie Alexis heeft voor de hele reis belovende Airbnb-locaties geregeld. Zo ook ons eerste verblijf: een artistiek stel (kunstenaar / muzikant) heeft een bovenwoning gevuld met kunst van onder andere Kandinsky. Na uitleg over het huisje, vervolgt onze gastvrouw met dat zij en vriendlief vannacht in de bus liggen als we ze nodig hebben. Inderdaad, in de bus. Zij slapen in een bestelbusje zolang wij verblijven. Toewijding 🙂

 

Tijd voor de stad. Startpunt Plaza de Merced. EJ voorziet ons van weetjes en brengt de stad tot leven. Zo dus over Malagenen Picasso en Antonio Banderas. Als we langs het theater komen, horen we dat laatste in zijn jonge jaren hier nog op de planken heeft gestaan.

 

 

Bij het Romeinse amfitheater leren we dat de naam van het gebied Andalusië van Vandalusië komt, vanwege de middeleeuwse invloed van de Vandalen in het gebied. We horen over de Visigoten – voorgangers van de hedendaagse Duitsers in het gebied. Afstammelingen zijn vandaag de dag nog steeds herkenbaar aan de lichte ogen. Het is mijn tweede bezoekje aan de stad, maar de herkenning komt laat op gang. Eenmaal bij de haven en bij sommige restaurantjes herken ik de plaatsen waar ik met Sas twee jaar geleden was.

 

Daarna gauw zwichten we voor de verleiding van een half litertje bier, verse (echt verse) olijven en plankjes kaas en ham. De lente is vroeg dit jaar. Met het ruggetje in de zon voelt ’t als zomer in Nederland. Mooie verhalen op de terrassen volgen.

 

 

Toch kan een warming-up voor de rest van de reis niet uitblijven: een eerste klimmetje naar het uitzicht van het kasteel bovenin de stad volgt. Prachtig uitzicht op een geweldig energieke stad.

 

 

We blussen ‘m af met een kannetje sangria bij El Pimpi, het cafe met veruit het beste terras van de stad. Uitzicht op het amfitheater en spontane optredens op het pleintje ernaast. Een dansact op Louis Armstrong volgt. Hoe sommige artiesten erin slagen om muziek te maken die tot een uur na de act nog in je hoofd hangt.

 

 

De plank met hapjes heeft de eetlust aangewakkerd. In ons Hollandse ritme gaan we vanzelfsprekend te vroeg naar de eetgelegenheden en bestellen we in een klein kroegje ‘todos tapas’ (“You mean, all of the tapas?” – “Yes.”). Smullen als goden en dito nachtrust in een tweepersoons bed. De benen opladen voor de eerste fietstocht morgen!